Bestaande Woning Bouw






Architect van het woongeluk

9 december, 2016 | door Dagmar Ebbeling

(Leestijd 2 minuten)

Als je ergens wilt wonen dan weet je dat meestal op het eerste moment dat je de woning ziet. Als ik terugkijk op mijn eigen wooncarrière dan was dat vaak wel het geval. Naast de verhuizingen met mijn ouders, heb ik zelf ook op verschillende plekken en in verschillende woningen met verschillende bouwjaren gewoond. Voor mij heeft elke woning zijn eigen charme, niet alleen door de herinnering maar ook door de ligging, indeling en de uitstraling.

Bij mijn studentenkamer, heel klein, maar mét een eigen kast op de overloop. Slapen, studeren en ontspannen, alles kon op die 9m2. Het mooist aan de kamer was het enorme stalen kantelraam. Enkel glas, dat dan weer wel, maar ach met een dik gordijn had ik daar niet veel last van.
Na deze studentenkamer ging ik samenwonen in een eengezinswoning in een Vogelaarwijk (1). Gezellige straat en een ruime woning voor twee personen, mét tuin. Voor ons destijds perfect, ondanks dat er geen cv was en overal enkel glas.
Het volgende huis werd een klushuis. Meteen verliefd op de oude gevel en de plattegrond, waarbij de trap de woonkamer verdeeld en de badkamer (traditioneel) achter de keuken was aangebouwd. Ook de ligging was perfect, op loopafstand van het centrum, met een redelijke tuin op het zuidwesten. De verdieping liet, door effici√ęnt ruimtegebruik, toch drie slaapkamers (waarvan twee 6m2) en een badkamer toe. Jarenlang hebben we gesleuteld aan het woongeluk, architect in eigen huis.

Architect van het woongeluk; wooncarière

Ondanks alle tekortkomingen zijn dit woningen waar ik erg graag heb gewoond. Ook al voldoen deze woningen niet aan de woontechnische eisen die we stellen aan huidige plattegronden en al helemaal niet aan de eisen voor de toekomst. Dit heeft echter geen effect gehad op het woongeluk van dat moment.
Niemand haalt het woongeluk uit dezelfde elementen van het wonen. Wat voor de één de perfecte woning is, is voor de ander een bron van ergernis. Woongeluk volgt niet uit de regels en eisen, maar vind je tussen de regels door. Het is daarom een mooie gedachte om woningen aan te kunnen pakken en verbeteren naar wens van de bewoner (2). Waarbij niet uitgesloten is dat een aantal ingrepen wel collectief worden uitgevoerd. Bij de aanpak in de serie van één wordt onderscheid gemaakt in de mate van ingreep en in het tijdstip waarop de ingreep plaats vindt. Het verkrijgen van inzicht in de kwaliteit van het wonen voor de betreffende bewoner is hierbij de eerste stap. Omdat het woongeluk geen optelsom is, is een juiste vertaling van de wensen naar de mogelijkheden de belangrijkste taak van de architect. Om zo het beste uit de woning te halen, voor de specifieke bewoner.
Architect van het woongeluk, wie zou dat nu niet willen zijn?


Bronnen:

(1) Vogelaarwijk: in 2007 heeft Minister Vogelaar (Wonen, Wijken en Integratie) 40 probleemwijken aangewezen, waar extra investeringen de sociale, fysieke en economische en problemen moesten verzachten.

(2) Renoveren in de serie van één, Alliantie+

Print dit artikel Print dit artikel

Categorie: architectuur, Bewoners aan de knoppen, gewenste woonkwaliteit, kijken naar kwaliteit, Kwaliteiten, Wonen| Reacties uitgeschakeld voor Architect van het woongeluk

Je kunt niet meer reageren!