Bestaande Woning Bouw






BERGING ALS VOORKANT EN KEUKEN ALS BINNENKOMST

14 juli, 2011 | door Martin Liebregts

Serie over de jaren zeventig en tachtig (6)

Auteur: Sandra Arts

Net als dat de stedenbouw de visie van de maatschappij vertegenwoordigt, denk aan de rol van de auto, weerspiegelen het uiterlijk en de indeling van de woningen de visie over het wonen in een bepaalde tijdsperiode. Zo onderscheiden de woningen van de jaren 70/80 zich duidelijk van de woningen uit de jaren ervoor. We herkennen allemaal de woningen uit de jaren 80 wel met de afgeschuinde hoeken en kleine ramen en rood, geel of blauwe draaiende delen.
Vanaf de jaren 70 maakt de doorzonwoning plaats voor een ander type plattegrond. Deze smallere woningen van die periode vragen om een andere indeling.
Wat de karakteristieken zijn van de woningplattegronden uit de jaren 70 en 80 staat hieronder op een rij. Ter verduidelijking zijn twee projecten beschreven.

 De verandering in plattegrond, architectuur en massa

  1. Beukmaat wordt smaller. Hadden we in de jaren 60 nog woningen met een beukmaat van 6 meter. Vanaf de jaren 70 wordt de woningen steeds smaller. Deze varieert dan van 4 tot 6 meter. In de jaren zeventig wordt de oppervlakte van de begane grond kleiner. De reductie bedraagt gemiddeld ruim 10 à 20%.
  2. Bruikbare zolder met vaste trap en dakkapellen. Het grootste deel van de eengezinswoningen uit deze periode bestaat uit twee lagen en een kap waarbij deze kap bruikbaar is gemaakt door een vaste trap en dakramen/dakkapellen.
  3. Grote badkamer met tweede toilet. Wat opvalt is dat in de woningen vanaf de jaren 70 ruimte is voor een tweede toilet in de badkamer.
  4. Variatie in plaats keuken. Mede doordat de woningen steeds smaller worden verplaatst de keuken van achter de hal, zoals bij de doorzonwoningen, naar andere plaatsen op de begane grond. Vanaf de jaren 80 zien we de keuken in de meeste gevallen aan de voorzijde van de woning.
  5. Berging/garage/carport aan de voorzijde. Het straatbeeld van de woningen uit deze periode wordt vooral bepaald door de bergingen, garages en carports die aan de voorzijde van de woningen zijn geplaatst.
  6. Verspringingen. Er wordt veel gevarieerd in gevelrooilijnen. Kenmerkend is dat veel verspringingen in blokken voorkomen op stedenbouwkundig niet belangrijke assen of kruispunten. Ook op woningniveau zijn veel aanbouwen te zien in de vorm van een toegangshal die buiten de woning is aangebracht en erkers.
  7. Architectuur is resultaat van de plattegrond. De architectuur van de woningen van de jaren 70 en 80 is vrij traditioneel te noemen door het materiaalgebruik, baksteen, en door de verticaliteit. Vooral bij de woningen van de jaren 80 valt op dat in het gevelbeeld veel gevarieerd wordt in de hoogte van de borstwering.

Maarssen

In Maarssen zijn in 1974 de 524 eengezinswoningen van de wijk Bloemstede in één bouwstroom neergezet volgens het bouwsysteem Neduco. Er zijn drie verschillende typen woningen te onderscheiden. In de wijk overheersen de typen met de bergingen aan de voorkant.
Het smalste woningtype heeft een beukmaat van 4,2m en zijn 10,1m diep (bruto vloeroppervlakte van de begane grond is 42 m2) exclusief berging. Kenmerkend is dat de keuken aan de voorzijde ligt met een open trap in de woonkamer. De zolderverdieping is bereikbaar door middel van een vaste trap.
De wijk bestaat uit een stempelverkaveling. De stempels zijn gegroepeerd in zogenaamde clusters/eenheden. Binnen een cluster is een centraal parkeerplein waar omheen de woningen gegroepeerd zijn. De stempels zijn gelegen rondom een centrum met de voorzieningen. De wijk wordt vanuit één punt ontsloten door een ringweg. Dwars door het gebied loopt water met haaks daarop een fietspad wat onder de ringweg doorgaat.
Typerend voor de uitstraling van deze woningen zijn de gevels, die bestaan uit betonsteen en betonnen borstweringselementen. De gevelopeningen hebben per verdieping een eigen structuur. De betonnen platen en de grote dakvlakken moeten de samenhang erin brengen.¬† De vormvariatie is bijna het leitmotiv. Het resultaat is dat de verdeling van de kozijnen op de begane grond en de verdiepingen niet naar elkaar verwijzen. Tevens is de voorgevel weinig onderscheidend van de achtergevel door de plaats van de berging en doordat de ‚Äėvoortuin‚Äô volledig bestraat is. In veel gevallen is er een auto geparkeerd.

Woerden

Het complex in Woerden omvat 92 identieke eengezinswoningen gebouwd in 1975 en is verdeeld over 11 woningblokken. De woningen zijn gelegen aan een autoluwe binnenstraat. In de straat overheerst het beeld van de bergingen aan de voorzijde en het grote hellende dakvlak aan deze zijde. Aan de achterzijde heeft de eerste verdieping een plat dak.
Het uiterlijk van de woningen wordt bepaald door de aluminium kozijnen en de kunststof rabatdelen als borstweringsstroken. Het steenachtige karakter wordt doorbroken door het gevarieerde beeld aan erfafscheidingen ter plaatse van de voortuinen.
De oppervlakte van de begane grond is 50 m2 (exclusief berging), de beukmaat is 4,4m.
Vanuit de woonkamer is de verdieping middels een open trap te bereiken. De keuken is in het midden van de begane grond gelegen. De zolder is bereikbaar door middel van een vlizotrap.

Print dit artikel Print dit artikel

Categorie: de jaren zeventig en tachtig, Stedenbouw en architectuur, Voorraad, Wonen| 2 Reacties »

2 Reacties op “BERGING ALS VOORKANT EN KEUKEN ALS BINNENKOMST”

  1. Reactie door: Frank Zuylen 14 juli, 2011 om 20:29

    Wat ik mis in het artikel is het begrip “tuinkamerwoningen”. Met die benaming werden de woningen in die tijd vaak aangeprezen in advertenties.
    Voor het stedebouwkundig ontwerp hield dit type woning in dat het gebied aan de tuinzijde onbebouwd bleef. Dus ook geen tuinbergingen in de tuin. Die werden in het bestemmingsplan dan ook uitgesloten.
    Een andere consequentie was vaak dat de auto niet tot bij de voordeur kon komen maar geparkeerd moest worden op pleintjes aan de kopse kanten van de bouwblokken. De woningen werden ontsloten door middel van relatief smalle woonpaden. Uit een oogpunt van grondgebruik (denk aan het “bruine boekje” dat in die tijd een soort bijbeltje was) kon je zo zeer effici√ęnt verkavelen en de hoeveelheid verharding (het kostbaarste gedeelte in de planexploitatie) minimaliseren ten gunste van uitgeefbare m2 grond en openbaar groen.
    Die efficiency uit die tijd wreekt zich nu. Het autobezit is in die buurten nu veel hoger dan de normgetallen uit die tijd voorzagen. De huidige openbare ruimte is te beperkt voor uitbreiding van parkeervoorzieningen. Vaak is verdunning van de woningdichtheid (hier en daar een bouwblok slopen) de enige oplossing maar dat is in buurten met veel eigen woningbezit niet mogelijk. Alleen daar waar de woningen in het bezit zijn van woningcorporaties is zo’n ingreep mogelijk.

  2. Reactie door: simone 18 juli, 2011 om 09:56

    …maar wat kunnen we nu leren uit dit type bouw? Alle mooie intenties ten spijt zien we juist in dit soort buurten een sterker sociaal isolement optreden omdat men vanuit de huiskamer weinig zicht heeft op de omgeving.
    Ook nu (ANNO 2011) zien we vaak vanuit ruimtebesparing de keuken en berging aan de voorkant. Maar welk effect heeft deze type bouw op de omgeving. Waar Wibaut al begon met het beinvloeden van mensen met de lichtaansluiting achter in de kamer, doen we dat nu nog steeds met het neerzetten van al onze plattegronden. wat is dan een ideale plattegrond?