Bestaande Woning Bouw






OVERPEINZING: WERKPLAATS VOOR ‘EERLIJKE’ ARBEID

9 januari, 2018 | door Yuri van Bergen

(Leestijd 3-5 minuten)

Door: Yuri van Bergen

Het leuke aan presenteren tijdens live events is dat je altijd slimmer thuis komt dan je bent weggegaan. Volgens mij heeft dit te maken dat je in gedachten even stil bent gaan staan in een wereld die doorgaans alleen maar aan het rennen is. Een natuurlijk moment waarop je wordt gedwongen om terug te kijken naar de zin van het resultaat. Samen met een spannend dialoog op het podium ontstaan er dan altijd weer nieuwe inzichten door die ene vraag uit het publiek.

Deze keer werd de vraag vanuit de zaal gesteld tijdens het event Aan de slag met je huis, georganiseerd tijdens het European Social Innovation Week in Tilburg. Het doel van dit event was de bezoekers te inspireren vanuit de gedachte dat duurzame innovatie doorgaans plaats vind door DOEN en in mindere mate door DENKEN. Op het podium werden de initiatieven Alliantie+ en Reimarkt gelijktijdig aan het publiek gepresenteerd als voorbeelden om het verduurzamen van de particuliere woningvoorraad te versnellen, respectievelijk als ‘aanbod’ en ‘winkel’.

De vraag was eenvoudig: “U (Alliantie+) heeft een bewezen aanbod en u (Reimarkt) heeft een bewezen winkel. Is het niet handig als jullie samen iets gaan doen?”. Inmiddels zweeft deze vraag al enkele maanden door mijn hoofd. Niet vanwege het antwoord, maar vanwege het feit dat mijn verstand niet kan verklaren waarom mijn onderbuikgevoel NEEN zegt. Na een tweede keer te hebben stil gestaan tijdens de feestdagen is het mij duidelijk: welke zin hebben al die gesprekken over nieuw aanbod en hippe winkels als er geen vakmensen zijn om het werkelijk te DOEN!

aanstormende trein

Ruim 7,5 miljoen huishoudens
Op dit moment staan er ruim 7,5 miljoen bestaande woningen in Nederland. De experts voorspellen dat dit aantal de komende 35 jaar gaat groeien naar bijna 8,5 miljoen woningen. De komende jaren zullen er netto (sloop minus nieuwbouw) 35 duizend woningen per jaar worden bijgebouwd die direct zullen voldoen aan onze huidige eisen voor duurzaamheid.

Voor de opgave voor het verduurzamen van de overige 7,5 miljoen woningen is het een heel ander verhaal. Met 2,3 miljoen sociale huurwoningen, waarvan de helft (in meer of mindere mate) reeds duurzaam is aangepakt, ligt de focus van deze sector meer op WONEN (betaalbaarheid & leefbaarheid) dan op VASTGOED (duurzaam onderhoud). Daarbij heeft deze sociale woningbouw sector een bewezen praktijk van veertig jaar beheer en onderhoud. Zij zijn prima in staat om met de beschikbare middelen en netwerken zelf een duurzame versnelling te organiseren.

Voor de bijna 5 miljoen particuliere woningen ligt die opgave iets ingewikkelder. Al meer dan twee decennia lang probeert de overheid de bouwsector te stimuleren om de renovatie van individuele opdrachtgevers op gang te helpen. Deze missie is door het toenmalige Ministerie VROM (Volkshuisvesting, Ruimtelijke Ordening en Milieubeheer, 1982-2010) ingegeven voor de nieuwbouw en met succes. Maar de sprong naar de bestaande bouw is helaas vele malen in schoonheid gestorven. Het dilemma? Iedere keer was er een maatschappelijk barrière waardoor de markt koos voor de weg van de minste weerstand. Daar waar traditioneel de oplossing het gemakkelijkst was toe te passen via massa, nieuwbouw en techniek. Waar grote bedrijven zoals Apple, Facebook, Google, Amazon en IKEA massaal de ‘vraag van 1’ (lees de consument) hebben omarmd als klant, blijft de Nederlandse bouwsector verblind staren in de koplampen van een steeds sneller naderende trein van ruim 5 miljoen huishoudens die hun woning binnen nu en 35 jaar ‘moeten’ verduurzamen.

Fairtrade renoveren
Laten we voor het gemak even stellen dat de praktijk van renoveren in de serie van 1 voor particulieren binnen nu en 5 jaar net zo eenvoudig is als het kopen en in elkaar zetten van een ‘Billy’ boekenkast. Het verschil is dan wel dat we waarschijnlijk door gebrek aan kennis, gereedschap en ervaring dit niet zelf kunnen doen. Er is behoefte aan vaardige handen van vakvrouwen en vakmannen die de komende jaren duizend woningen per dag duurzaam gaan verbeteren. Dag na dag, ook bij jou in de straat.

Maar als we op dit moment een willekeurig persoon met jeugdpuistjes op het gezicht vragen wat zij of hij later wil worden, hoe groot is dan de kans dat deze persoon gaat kiezen voor het vak van renoveren? Wie wil er überhaupt vandaag de dag nog met de handen werken. Dus naast een structureel tekort van ‘duizenden handjes’ heeft de bouw ook nog eens een imago probleem.

We zouden kunnen wachten tot een leger aan onderzoekers analyseren waar het werkelijke probleem zit. Maar misschien dat voor nu gewoon gezond boerenverstand ook volstaat. De reden voor een tekort aan arbeidsplaatsen zijn:

• De bouw betaalt slecht
• Weinig eer voor het werk
• Geen innovatie in de sector

(Mochten er lezers zijn die deze analyse wat kort door de bocht vinden gaan, reacties zijn welkom ;-))

Voor mij is het de afgelopen tijd duidelijk geworden dat dit de belangrijkste redenen zijn. We kunnen met elkaar blijven dromen over nieuw aanbod dat ligt in hippe winkels, maar zonder vakmensen om deze vraag met aanbod te realiseren kunnen we beter iets anders met elkaar gaan doen. Want hoe goed of slim het idee ook is, zonder mensen om het te MAKEN komen we steeds voor dezelfde (voor)deur weer stil te staan.

Wat moet er veranderen om dit roer om te krijgen?

1) Het nadenken over hoe de producten worden toegepast of worden verwerkt dient -met de afnemer als uitgangspunt- bij de industrie te gebeuren. Daarbij zal het doorgebruiken van reeds bestaande producten een belangrijke rol gaan spelen naar een circulaire renovatiemarkt.

2) Verder moet er nog meer nieuw renovatieaanbod komen zodat arbeid efficiënt ingezet kan worden als specialisme. Een specialisme met een grote maatschappelijke impact; in samenwerking met bewoners om woningen duurzaam te verbeteren.

3) Vervolgens moet de financiële ruimte, die er ontstaat doordat er minder arbeid nodig is, benut worden om de specialistische arbeid die hierbij hoort, als zodanig te belonen (met elkaar delen van het voordeel).

4) Uiteraard moeten die specialisten ook opgeleid worden. Niet door er weer een instituut voor op te richten maar door in de praktijk van het nieuwe aanbod -samen met de industrie- ruimte te scheppen voor scholing. In de huidige krappe arbeidsmarkt moet deze scholing voor een brede groep bereikbaar en interessant zijn, de bouw overschrijdend, leeftijd overschrijdend en waarschijnlijk ook landsgrens overschrijdend.

Met het hierboven genoemde nieuwe renovatieaanbod zijn we met Alliantie+ al een heel eind op weg. In 2017 hebben we dit al bij 50 woningen toegepast. 2018 wordt nu voor ons het jaar van de renovatiespecialist, het jaar waarin ruimte gecreëerd en benut wordt om mensen die in de praktijk renovatiespecialist willen worden te werven en te scholen. Het is tijd voor een werkplaats met ‘eerlijke’ arbeid die de komende 35 jaar de verduurzamingsopgave op een revolutionaire wijze weet te versnellen. En ik wil daar graag mijn (vrije) tijd aan besteden om deze noodzakelijke stap mogelijk te maken. Niet door DENKEN, maar door DOEN.

Print dit artikel Print dit artikel

Categorie: Bewoners aan de knoppen, Componenten, Nul-op-de-Meter, Serie van één| Geen reacties »

Plaats een reactie