Bestaande Woning Bouw






Van complex naar component (2)

5 november, 2015 | door Haico van Nunen

Bouwen voor wonen in de 21e eeuw (2)

Wanneer we in staat zijn om het complex als eenheid los te laten komen er nieuwe kansen in beeld. Traditioneel kijken we van groot naar klein, beschouwen het complex, bedenken een oplossing en komen bij de producten uit. Iedere keer wordt weer opnieuw gestart. Maar als we de opgave niet meer op complexniveau starten, maar juist in gebruik gaan denken, dan zijn er componenten te onderscheiden die een gebruiksfunctie herbergen. Die componenten zijn herhaalbaar en dit kan de bouwopgave voor de toekomst bepalen. Er zijn meerdere perspectieven om naar component-denken als uitgangspunt te kiezen.




De afstandsbediening
Het ideaal is dat de bewoner de afstandsbediening in handen krijgt. Daarmee heeft hij écht keuze, niet alleen in kleur en afwerking, maar ook essentiële keuzes zoals wat doe ik wel en wat doe ik niet, kies ik voor de goedkope variant of de luxe variant, en doe ik nu mee of later. De corporatie bepaalt de ondergrens, maar vanaf dat moment zit de bewoner aan de knoppen. Bij componentrenovatie is de omvang daarom ook de serie van één, alleen dan kun je de bewoner optimaal bedienen. Daarbij verdwijnt het onderscheid tussen een huurder en een koper. De eigenaar-bewoner zat altijd al aan de knoppen, maar miste het aanbod om er optimaal gebruik van te maken. Met componentrenovatie kan er een aanbod komen, voor huurder en eigenaar, waar men zelf de keuze kan maken in prijs-kwaliteit. En niets kiezen is ook een keuze.

Corporatie geeft de huurder keuze
Voor een corporatie is het van belang om draagvlak te krijgen bij een woningverbetering. Of het nu gaat om onderhoud of verbetering. Bij collectieve verbeteringen ben je gebonden aan 70% deelname, iets waar corporaties steeds meer tegenaan lopen. Dat betekent dat je iets moet bieden dat interessant is voor bewoners. Een combinatie van binnen en buiten werkzaamheden, aanbieden van keuzeopties, alles om het interessant te maken voor de bewoner. Maar toch betekent het dat je nooit op tijd bent. Voor de ene groep ben je veel te laat, voor een andere veel te vroeg.
Met component-denken kun je in de serie van één werken, en per component. Dat betekent dat je altijd draagvlak hebt (de bewoner vraagt er zelf om), dat de ingreep aansluit bij de behoefte en het tijdstip en dat alleen dat wordt uitgevoerd wat men nodig vindt. Vergelijk dit met de groot onderhoud aanpak waar je als je pech hebt ook nog eens mensen moet uithuizen, met bijbehorende vergoeding (1). Bovendien kun je met componenten veel meer tegemoet komen aan de wensen van de huurder.
Een ander voordeel voor de corporatie ligt op het financiële vlak. Een stap-voor-stap aanpak vergt per keer een lagere investering. Het financiële verloop (bedrijfswaarde) valt daarmee (licht) hoger uit. De absolute waarde(verschil) is wellicht niet zo groot, maar het effect op de investeringsruimte en financieringskosten van de corporatie wordt daarmee positief beïnvloed. Daarmee zijn dus per saldo meer woningen te verbeteren. Component-denken biedt daarmee een betaalbare oplossing. Tot slot wordt het voor de corporatie beter mogelijk om in te spelen op thema’s zoals individualiteit, duurzaamheid en betaalbaarheid, doordat de kaders van een component beperkt zijn.

Het formuleren van een aanbod
De markt van toeleveranciers werkt traditioneel vanuit producten. De laatste tijd is wel een tendens waar te nemen dat er in systemen wordt gedacht. Een ventilatiesysteem in plaats van alleen een box, of een kozijnsysteem met onderhoud in plaats van een los kozijn. Bij componentrenovatie gaat dit verder en wordt een specifieke functie gerealiseerd. Bij componenten gaat het niet meer over de prestatie van het product, maar over de prestaties van het samenstel van producten. Een component wordt gezien als samenhangende bouwdelen die voorzien in een gebruiksfunctie. Door in componenten te denken wordt de opgave voor componentontwikkeling ingekaderd. Daarmee ontstaat een project overstijgende opgave, waarmee het lonend wordt om aan componentontwikkeling te doen. Dit kan een producent niet alleen (dan betreft het enkel productontwikkeling). Samenwerking is hierbij essentieel (2). Het opent deuren voor langdurige samenwerking tussen partijen om componenten te ontwikkelen en om hierop te blijven innoveren.
Het lijkt een paradox. Een opgave in stukken verdelen om het eenvoudiger te maken. Maar met component-denken wordt de omvang van de opgave juist vergroot. Vanuit complex-denken is iedere situatie uniek. Complexen lijken deels op elkaar, maar hebben toch een andere gevel, een ander dak of een andere indeling. Door woningen in te delen in componenten en de bijbehorende kaders te formuleren wordt duidelijk dat een component niet bij slechts één woning voordoet, maar op grotere schaal herhaalbaar is. En het is die herhaalbaarheid die de kracht van component-denken vormt. In plaats van een oplossing voor één complex van vijftig woningen te bedenken, kan een soortgelijke oplossing in de buurt wel 500 keer worden herhaald, wel 5.000 keer in de hele stad, en voor heel Nederland misschien wel 50.000 keer. Het wordt daarmee interessant om een opgave te formuleren voor die markt en met een aanbod te komen. Bij één toepassing zijn de ontwikkelkosten te hoog . Maar 50.000 toepassingen biedt een heel ander perspectief. Bovendien kunnen de specifieke thema’s individualiteit, duurzaamheid en betaalbaarheid veel makkelijker een plaats krijgen. Denk maar aan een energiezuinig component dak, of een onderhoudsarme component gevel.

Anders kijken, anders beheren
Component-denken vraagt om een andere benadering van je organisatie. Je kunt flexibeler omgaan met de beheeropgave door te vervangen op het moment dat het daadwerkelijk nodig of gewenst is, en ook het uitzetten van de vraag (specificaties) of het beoordelen van een aanbod kent met component-denken zijn kaders. Maar het heeft wel invloed op bestaande gewoontes en procedures. Denk bijvoorbeeld aan de gehanteerde exploitatietermijn, een meerjarenplanning of het besluit voor een herinvestering. Dit is niet onoverkomelijk, maar vraagt nog wel aandacht.

Bouwen aan wonen in de 21e eeuw
Om adequaat vorm te geven aan de veranderende vraag, moet je op zoek naar patronen in de voorraad. Waar staan de woningen, en hoe ziet de component eruit. Dat resulteert in een ontwerpopgave om die kaders goed te definiëren, zodat er door de industrie een aanbod in ontwikkeld kan worden. Per component zijn er dan diverse smaken mogelijk die het onderscheid in het aanbod gaan vormen. Bewoners (huurders en kopers) kunnen daarmee keuzes maken wat én wanneer ze willen. Een nieuwe gevel, een nieuw dak, of toch liever een keuken of een verbeterde installatie. Door in componenten te denken wordt keuze een nieuwe mogelijkheid, die bovendien betaalbaar is. Een nieuwe opgave is daarmee geformuleerd, waardoor er ruimte ontstaat voor het bouwen voor een veranderede vraag.


Bronnen/verwijzingen:

(1) Wettelijke verhuisvergoeding € 5857,- per woning
(2) ‘Productontwikkeling als motor’, Haico van Nunen, Renda 5 2014
(3) ‘Van complex naar component (1)’, Haico van Nunen, 28 oktober 2015, kennisbank bestaandewoningbouw.nl

Print dit artikel Print dit artikel

Categorie: Componenten, ComponentRenovatie, Serie van één| Geen reacties »

Plaats een reactie